Nieuwe huurwetgeving vanaf 01 januari 2019 – voor woninghuur en studentenhuisvesting

Sinds 1 januari 2019 is het nieuwe Vlaamse decreet van 9 november 2018 in werking getreden.
Dit decreet is automatisch van toepassing op iedere huurovereenkomst die vanaf 1 januari voor woninghuur of studentenhuisvesting wordt afgesloten. Huurovereenkomsten die voor 1 januari 2019 werden afgesloten vallen nog onder de oude wetgeving. De twee wetgevingen blijven dus nog verder naast elkaar bestaan.

Het nieuwe decreet is zeer uitgebreid. Hierbij geven we graag enkele belangrijke wijzigingen weer met betrekking tot de woninghuur:

  • De waarborg mag voortaan terug 3 maanden huur bedragen. De huurder mag bepalen hoe deze wordt samengesteld. (Bij een persoonlijke waarborg is de toestemming van de verhuurder noodzakelijk)
  • Het decreet bepaalt wie de kosten en lasten met betrekking tot de verhuring betaald. Er is tevens voorzien in een lijst van kleine herstellingen die onder de verantwoordelijkheid van de huurder vallen. Daarmee worden hopelijk veel discussies vermeden.
  • Huurovereenkomsten van korte duur (minder dan 3 jaar) mogen voortaan door de huurder worden opgezegd. Daarbij dient een opzegperiode van 3m gerespecteerd te worden, samen met een opzegvergoeding van respectievelijk 1,5 maand, 1 maand of 0,5 maand afhankelijk of de opzeg gebeurd tijdens het eerste, tweede of derde jaar huur. De verhuurder beschikt niet over deze beëindigingsmogelijkheid.
  • De verzekering tegen brand- en waterschade is voortaan verplicht, zowel voor huurder als verhuurder.
  • Bij eigenaarsoverdracht dient het huurcontract verder te worden gerespecteerd, zelfs als dit niet werd geregistreerd.
  • Situaties van gehuwden, wettelijk samenwonenden, feitelijk samenwonenden, eventuele breuken in de relaties en wisselende samenwonende partners worden in de wetgeving opgenomen.
  • Ook de regels rond het overlijden van een huurder zijn gewijzigd.
  • De opzeg voor grote renovaties voor een volledig pand met verschillende appartementen is gemakkelijker geworden.

Het nieuwe decreet omvat ook bepalingen met betrekking tot de studentenhuisvesting. Daar dient men voortaan rekening te houden met volgende bepalingen:

  • Alle kosten en lasten dienen in de huurprijs inbegrepen te zijn met uitzondering van het verbruik van elektriciteit, water, gas en telecommunicatie. Het verbruik van deze laatste 4 mag nog afzonderlijk worden doorgerekend.
  • De huurwaarborg bedraagt max 2maand huur en moet niet noodzakelijk op een geblokkeerde rekening. (Dit voornamelijk om het voor buitenlandse studenten makkelijker te maken)
  • Het contract wordt automatisch beëindigd bij het einde van de overeenkomst en kan nooit stilzwijgend verlegd worden. Een opzeg is niet nodig.
  • Er zijn ook enkele  gevallen van vroegtijdige beëindiging mogelijk.
    • Zo kan de student het contract beëindigen bij het vroegtijdig stopzetten van de studies.
    • Het huurcontract kan kosteloos opgezegd worden wanneer dit gebeurd meer  dan 3 maand voor de aanvang van het huurcontract. Om dit risico te ondervangen zullen sommige kotbazen een eerste maand huur vragen bij de ondertekening van het huurcontract.
    • Bij een opzeg binnen de 3maand voor de aanvang van het contract dient een schadevergoeding betaald te worden van 2 maand huur.
    • Wanneer de student komt te overlijden stopt de huurovereenkomst automatisch.
    • Ook bij het overlijden van de ouders (of wie instaat voor het levensonderhoud) van de student is de stopzetting mogelijk mits een opzegtermijn.  

De volledige regelgeving vindt u op www.woninghuur.vlaanderen

Close Menu